Diversen en Thuisstudio

De (home-)studio 09 - Hoe werkt de Equalizer-I?

De (home-)studio 09 -  Hoe werkt de Equalizer-I?

In navolging van eerdere bijschriften, negende artikel in een reeks van ongeveer 40 columnachtige artikelen over de homestudio, waarin op luchtige wijze diverse aspecten van het werken in en rond de (home-)studio aan bod komen. Deze artikelen zijn gebaseerd op het eerder door Coen Raad geschreven en reeds verschenen 'Het Grote Opnameboek' en 'Opnemen voor Gitaristen & Bassisten'.


Hoe werkt de Equalizer - EQ of IQ?

In mijn studententijd ging ik nog weleens in de mensa eten. Lekker makkelijk en goedkoop. Wat mij destijds vaak opviel, was dat veel tafelgangers gelijk naar de zoutpot grepen nog voor ze ook maar één hap geproefd hadden. Nog afgezien van het feit dat (teveel) zout ongezond is - in de mensa eten is dat trouwens ook - ergerde ik mij aan het gedachtenloze en mechanische gedrag. Dat beeld brengt mij op het inzetten van equalizing ofwel toonregeling (EQ). hetgeen naar mijn stelllige overtuiging alleen zinvol is met verstandig beleid (IQ).

EQ wordt vaak al tijdens het opnamestadium toegepast. Meestal een doordachte ingreep, bijvoorbeeld om de 50 Hz netspanningsbron weg te halen of om de resonantie van de gitaar-klankkast bij ±300 Hz te verminderen. Soms leidt EQ tot onomkeerbare resultaten en dan moet de partij helaas helemaal opnieuw. Werk juist daarom bij het opnemen met minimale EQ (en om vergelijkbare reden ook met milde compressie). Voor een PA-installatie (tijdens live-optredens) en een totaalbeeld is een grafische EQ vaak de eerste keuze. Voor probleemgevallen is een (volledige) parametrische EQ beter: dit betreft een instelbaar frequentiegebied (F), een Gain-regelaar (A) en bij een complete EQ ook nog een Q-factor; de breedte van het te bewerken gebied. Hoge Q-waarden (Q>2) zijn meer geschikt voor filteren; lage Q-waarden, (Q<2) beter om te versterken, omdat de muzikale inhoud zo beter intact blijft en nadelige effecten minder hoorbaar zal zijn. Als voorbeeld de basgitaar, die zoals bekend vaak een ongewenste piek heeft bij 100-125 Hz (soms ook bij de ‘verdubbelde’ waarde: ±200-250 Hz). Vooraf filteren kan hier dus geen kwaad en komt ook ten goede aan een hiernavolgende compressiestap. Hier is compressie ná de EQ beter, maar andersom is uiteraard ook mogelijk.

Werk als volgt: zet allereerst de PAN-regelaar in het midden en de volume-kanaalfader op nul. Draai nu de Gain-regelaar zo maximaal mogelijk open en blijf op de VU-meter kijken om in dit stadium ongewenste oversturing te voorkomen. Zoek vervolgens met de sweep-frequentie naar het knelpunt; en dat is waar de signaalindicator oversturing zal aangeven. Probeer dat gebied met enkele dB’s te verminderen. Besef goed dat filteren vaak beter is dan versterken, aangezien dit de headroom van het systeem vermindert. Compenseer dit bij eventuele versterking met de volumefader. Verminder de noodzaak van EQ door reeds bij de bron zélf verstandige keuzes en de nodige ingrepen te maken. Kies bijvoorbeeld een microfoon, die past bij de kleur van de stem. Een zanger met een lage stem (of zonder kopstem) heeft heeft meer baat bij een microfoon, die het hoog enigszins benadrukt. Hierdoor neemt ook de verstaanbaarheid toe. Zo vertoont de Neumann TLM-103 een milde piek bij 5-15 kHz, die , althans mijn stem goed laat doorkomen, waardoor de verstaanbaarheid toeneemt. Een Neumann TLM-193 daarentegen klinkt eerder warmer en voller (dof) en is daarom misschien meer geschikt voor een zangeres met een hoge, felle stem; maar dat hoeft natuurlijk niet. Het gaat om keuzes en de context. Dat is de taak van de opnameleider (technicus, producer), maar in je eigen homestudio ben je dat natuurlijk meestal zelf!

Tegenwoordig zijn buizen-voorversterkers heel betaalbaar en resulteren doorgaans in een voller geluid met een rijker scala aan boventonen. Ook de akoestiek is van belang. Door absorberende of juist refelecterende materialen rondom de muzikant te plaatsen is het midhoog selectief te beďnvloeden. Stel daarom EQ grotendeels uit tot de eindmix waar je de balans met de overige signalen ook beter kunt beoordelen. Een signaal mag solo geweldig klinken, maar desondanks in een mix verloren gaan en andersom! Bedenk ook dat een EQ het oorspronkelijke signaal altijd enigszins aantast waardoor vaak muzikaal ongewenste bijverschijnselen optreden, zoals faseverschuivingen. Dat geldt in minder mate ook voor digitale EQ, waar overigens meer van nodig is om een hoorbaar resultaat te verkrijgen. De exciter is een prima alternatief voor EQ. Het te bewerken signaal blijft zo beter intact, aangezien het zo slechts verrijkt is door toevoeging van uit het oorspronkelijke signaal opgewekte boventonen. Natuurlijk zijn er geen vaste regels, want paradoxaal genoeg krijg je juist met het omgekeerde soms betere resultaten. Belangrijk is om altijd van te voren te weten wat je wilt en hoe het gaat klinken (in het totaalbeeld). Gebruik eerst je gezonde verstand (IQ), kies dan pas de juiste toon (EQ)!
© 2007 - 2010 Coenraad12, gepubliceerd in Diversen (Muziek en Film) op 21-04-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Coenraad12 is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "De (home-)studio 09 - Hoe werkt de Equalizer-I?"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.