Diversen en Thuisstudio

De (home-)studio 14 - Opnemen van de akoestische gitaar

De (home-)studio 14 -  Opnemen van de akoestische gitaar

In navolging van eerdere bijschriften, veertiende artikel in een reeks van ongeveer 40 columnachtige artikelen over de homestudio, waarin op luchtige wijze diverse aspecten van het werken in en rond de (home-)studio aan bod komen. Deze artikelen zijn gebaseerd op het eerder door Coen Raad geschreven en reeds verschenen 'Het Grote Opnameboek' en 'Opnemen voor Gitaristen & Bassisten'.


Opnemen van de akoestische gitaar

Mijn hart ligt bij de akoestische gitaar, vanwege de dynamiek, de emotie en de expressie. In tegenstelling tot de in ‘De (home-)studio) nr. 13’ besproken elektrische eiersnijder kan ik overal zonder ‘prik’ spelen. Het goed opnemen van de akoestische gitaar vormt voor mij een grote uitdaging; zeker om ‘mijn geluid’ zo herkenbaar mogelijk op te nemen.
Uiteraard is een goed klinkend en gemakkelijk spelend instrument van onschatbare waarde: goed gestemd en met verse snaren die hooguit een paar dagen zijn ingespeeld. Hoe ga ik meestal te werk? Allereerst kies ik een gunstig tijdstip; dus wanneer het rustig is in en rondom het huis. Voor mij is dat overdag tussen tien en drie, maar ik heb het voordeel van eigen werktijden. Dan scherm ik een hoek van mijn drie-bij-vier-op-drie-hoog-achter-kamertje af met zelfgemaakte akoestische schotten, dekens, slaapzakken en kussens. Ik zet de schotten niet loodrecht, maar juist wat scheef om te voorkomen, dat de directe opname-omgeving als een vierkante plee gaat klinken. Bovendien zorg ik voor voldoende (bewegings-)ruimte voor de gitaar(-hals!) en microfoonstandaards.

Eerst even de bestelling opnemen?!
Nog geen goede opnamespullen? Dan nog even snel boodschappen doen! De laatste tijd is het aanbod van betaalbare condensatormicrofoons met een redelijke kwaliteit erg groot. Let dan vooral op de gevoeligheid (?10-15 mV/Pa). Het ruisniveau mag hooguit 10-20 dBA bedragen. De specificaties voor de belastbaarheid is alleen voor luide bronnen interessant. Kleinmembraan-microfoons geven doorgaans realistische en transparante opnamen. Overweeg eens om hiervan een set microfoons aan te schaffen; bij voorkeur dezelfde en/of zelfs een identiek gematched’ paar voor optimale resultaten. Hiervan heb je ook de rest van je muzikantenleven nog plezier (zoals ik dat heb met mijn betrouwbare en ‘muzikale’ Neumann KM-184’ers). Behringer, Samson, Røde en SE Electronics bieden al setprijzen aan vanaf pakweg honderd euro. Een grootmembraan klinkt wat warmer en voller, maar is vaak minder tolerant in het goed weergeven van meer zijwaarts gelegen signalen (dit is de zogenaamde off-axis response). Een dynamische microfoon raad ik sterk af, want dit type is - net als een hooligan - niet gevoelig of subtiel genoeg om alle fijne nuances van het edele spel te registeren. Ook contactmicrofoons of piëzo-elementen geven matige resultaten. Denk van te voren goed na over de de eigenschappen van het instrument (soort gitaar en gebruikt toonhout), het soort snaren (nylon/metaal), de wijze van spelen (tokkelen/accoorden) en de manier van aanslaan (vingers, nagels of plectrum) in relatie tot de opnamen. Gebruik degelijke en stabiel geplaatste microfoonstandaards. Een microfoon in spinophanging is altijd aan te bevelen; met name bij een grootmembraan. Doe dit zeker bij een houten vloer en wanneer je in de opnameruimte last ondervindt van druk weg- of luchtverkeer; de spinophanging vermindert en dempt namelijk (sub-)lage frequenties.

Voor het opnemen van de akoestische gitaar is tenminste één microfoon nodig. De voorkeurspositie is op 20-30 cm op instrument-hoogte en schuin wijzend naar de overgang van klankkast naar de hals. Recht vóór het klankgat geeft een plomp geluid vanwege ongewenste kastresonanties. Voor moderne pop-opnamen helpt een extra willekeurige (condensator-)microfoon om het geluid breder en rijker te maken: bijvoorbeeld gericht op het deel boven de kam (zie foto). Dit roept een bruikbaar pseudo-stereo op en dat scheelt vaak een hoop technische ingrepen, zoals een delay-lijn om het geluid ‘stereobreed’ te laten klinken. Voor klassieke & solo-opnamen is ook een tweede, bij voorkeur vergelijkbare (= identieke) microfoon nodig om een heus L/R-stereobeeld te verkrijgen.
Dat kan in een zogenaamde XY-configuratie, waarbij de microfoons onder een bepaalde hoek (? 90°) ten op zicjte van elkaar zijn geplaatst. De afstand tot het instrument varieërt van 75-150 cm (natural miking) en is mede afhankelijk van de omgevingsinvloed (reflecterend, respectievelijk dempend). Plaats de microfoons bij voorkeur op oorhoogte, maar pas op met storende ademruis.
In AB-opstelling zijn beide microfoons op een aparte standaard richting instrument geplaatst. Dit kost meer ruimte omdat de tussenliggende afstand minstens een meter moet zijn – dus wanneer de afstand naar de bron 50-70 cm bedraagt. Dit is nodig om ongewenste fasekleuring te voorkomen. Luister nog voor de proefopnamen het signaal met een gesloten hoofdtelefoon af, terwijl je de microfoons licht verschuift tot het signaal goed klinkt. Een dun of schril geluid kan duiden op een ongewenste fasekleuring: de microfoons staan dan niet goed opgesteld en de signalen verzwakken en versterken elkaar op ongunstige wijze. In een goede opstelling is daar vrijwel geen sprake van. Resultaat: een warm en vol geluid.
Misschien ben je na de eerste proefopname verbaasd of teleurgesteld over je eigen geluid. Het klankbeeld dat je normaal gesproken waarneemt terwijl je speelt is namelijk een complexe optelsom van directe en indirecte, want weerkaatste, klanken. Bedenk dan dat dit dan waarschijnlijk de eerste keer is dat je jezelf via de microfoons aan de andere kant van je eigen instrument hoort spelen…
© 2007 - 2009 Coenraad12, gepubliceerd in Diversen (Muziek en Film) op 25-04-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Coenraad12 is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "De (home-)studio 14 - Opnemen van de akoestische gitaar"


Door Knødy Present op 06-11-2007

Eindelijk een toegankelijk leesbaar artikel over materie, die tot dusverre vaak in duistere kamertjes (de echte studio!) plaatsvond.