Klassieke Speelfilms en Beroemde Regisseurs

Geschiedenis van de speelfilm

Geschiedenis van de speelfilm

Hoewel nog geen geen 70 jaar oud heeft de film reeds heel wat karakteristieke vormen aangenomen en tal van uitdrukkingsmiddelen ontwikkeld. Speelfilms vormen maar een gering percentage van het totaal aantal films dat er op de wereld wordt gemaakt, maar ze zijn het meest populair. In dit zesde artikel van de geschiedenis van de film de ontwikkeling van de speelfilm met aandacht voor de films en filmers die in hun tijd van invloed zijn geweest op de professie als geheel.


De vroegste films

De eerste speelfilms mochten die naam nog niet dragen gezien hun korte lengte van soms nog geen minuut! De Franse filmmaker Georges Méliès (zie 1e artikel) wist de handelaren en andere filmmakers tot het inzicht te brengen dat films langer konden zijn zonder het publiek te vervelen. In die richting ontwikkelde zich wat we later de avondvullende speelfilm noemen. Er werd een gelijke lengte vastgesteld en die bleef de maatstaf, totdat er iemand de kracht wist op te brengen een nieuwe koers in te slaan. De Grote Treinroof van Edwin S. Porter nam in 1903 als nieuwe maatstaf de lengte van ± 10 minuten aan. Enige jaren later kwamen er een aantal films die braken met deze traditie.

In 1912 verschenen er twee films die grote invloed hadden op de filmindustrie. Uit Frankrijk kwam Koningin Elizabeth van Adolph Zukor, bijna een uur lang, waarin de beroemde actrice Sarah Bernhardt haar oude succesrol herhaalde. Uit Italië kwam Quo Vadis? die bijna twee uur duurde. Het succes van die twee films in Europa en Amerika prikkelde de Amerikaanse filmers tot soortgelijke ambitieuze produkties. In 1913 maakte D. W. Griffith een lange film, Judith of Bethulia, buiten medeweten van zijn superieuren. Toen ze ontdekten wat Griffith had uitgehaald lieten ze hem vallen en weigerden de film uit te brengen tot eind 1914, nadat Griffith was overgegaan naar de Mutual Company.

Sinds Sarah Bernhardt was opgetreden in Koningin Elizabeth spotten de acteurs niet meer zo fel met de film, en toen er steeds meer acteurs en actrices in films optraden kwam er ook een ander publiek. Het bleek al gauw dat er voor serieuze films een publiek was dat men niet vond in de rommelige sfeer van kermissen en variététenten. In stad en land begon men speciale theaters te bouwen voor filmvertoningen en men kreeg er geregeld nieuwe films. De programma's daar bevatten meestal één film van een uur als hoofdschotel, alsmede journaals en korte kluchten en thrillers. De film had een nieuwe status verworven.
Vroegere regisseurs als Méliès en Griffith maakten vaak hun eigen draaiboek en na hen nog velen. Maar naast hun eigen originele filmverhalen en die van andere auteurs, geheel opgezet in de vorm van een beeldende verhaaltechniek, begonnen producers en regisseurs spoedig ook naar andere bronnen om te zien. Veel films berustten een tijdlang nog op toneelstukken of zijn bewerkt naar beroemde romans.

De volwassen speelfilm

Westerns en musicals bleven nog lang populair, opgezet als ze zijn als oorspronkelijke filmprodukties. Een camera die beweegt tussen rondzwierende dansers of een troep galopperende ruiters volgt, verplaatst ons midden in de actie zoals geen andere kunst dat kan nadoen. Historische vertoningen blijven voldoende populair om er de enorme produktiekosten uit te halen. En de concurrentie met de tv heeft filmmaatschappijen ertoe aangezet te zoeken naar nieuwe procédé's op het witte doek en naar dramatische effecten die op kleine schaal niet mogelijk zijn. De laatste jaren zijn er in de serieuze speelfilms steeds meer omstreden onderwerpen aan de orde gesteld, zoals maatschappelijk onrecht, oorlog en vrede en homoseksualiteit. De speelfilm kan dan wel louter amusement zijn, maar heeft ook zijn waarde bewezen als een belangrijke en volwassen kunstvorm. De regisseur is technisch vakman en kunstenaar en de beste films zijn artistieke creaties van blijvend belang.

Overzicht klassieke films en filmers

Enkele grote regisseurs en beroemde films, vooral uit de begintijd, zijn in vorige artikelen al genoemd. In het bestek van dit artikel past geen volledig overzicht van de belangrijkste films en filmers, maar enkele namen mogen niet ontbreken.
Erich von Stroheim maakte in 1924 Hebzucht, Buñuels beroemde Un chien andalou is uit 1927, Joseph von Sternberg filmde in 1930 Der blaue Engel met een beroemde rol van Marlène Dietrich. in de 30-er jaren werd in Frankrijk een aantal briljante films gemaakt, o.a. De grote illusie (1937) van Jean Renoir. Stage coach is een klassieke western uit 1939 van John Ford.

Na de Tweede Wereldoorlog had de vernieuwende Italiaanse filmkunst grote invloed. De neo-realistische films van Rossellini (Roma cittá aperta (1945), De Sica's Fietsendieven (1948) en anderen zijn klassiek geworden.
Enkele regisseurs die meesterwerken op hun naam hebben staan zijn b.v. Ingmar Bergman (Zweden), Michelangelo Antonioni, Federico Fellini (Italië), Jean-Luc Godard (Frankrijk), Roman Polanski, Sam Peckinpah en Joseph Losey (USA).
© 2008 Staal, gepubliceerd in Film en Video (Muziek en Film) op 22-01-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Staal is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Geschiedenis van de speelfilm"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.