Filmrecensies en Monsterfilm

King Kong (Merian C. Cooper en Ernest B. Schoedsack, 1933)

King Kong (Merian C. Cooper en Ernest B. Schoedsack, 1933)

Toen in 1933 de film KING KONG werd uitgebracht werd al snel duidelijk dat de film tot een klassieker zou gaan behoren en dit tot op de dag van vandaag zou blijven. KING KONG werd, naast een enorm succes, tevens de voorloper van ontelbare monsterfilms die in de toekomst zouden gaan volgen. Er zijn een aantal belangrijke elementen in de originele versie die de film dit grootschalige succes bezorgd hebben, waarvan ik er in dit verslag enkele uiteen zal gaan zetten.


Toen in 1933 de film KING KONG werd uitgebracht werd al snel duidelijk dat de film tot een klassieker zou gaan behoren en dit tot op de dag van vandaag zou blijven. KING KONG werd, naast een enorm succes, tevens de voorloper van ontelbare monsterfilms die in de toekomst zouden gaan volgen. Enkele recente voorbeelden hiervan zijn de ALIEN -en JURASSIC PARK-films. KING KONG heeft bovendien een remake (Dino de Laurentiis, 1976) en een aantal vervolgfilms gekregen, die, zoals bekend, geen van allen het enorme succes van het origineel wisten te bereiken. Er zijn een aantal belangrijke elementen in de originele versie die de film dit grootschalige succes bezorgd hebben, waarvan ik er in dit verslag enkele uiteen zal gaan zetten.

Het verhaal

Allereerst is er het vermakelijke verhaal dat bij veel mensen direct tot de verbeelding sprak en tegenwoordig nog steeds spreekt. Dit blijkt uit de remake van De Laurentiis, waarin het originele verhaal nagenoeg hetzelfde is gebleven. De film behoort tot het zogenoemde “Lost World-genre”, een genre dat door wereldberoemde schrijvers als Jules Verne (VINGT MILLE LIEUES SOUS LES MERS, 1869) en Sir Arthur Conan Doyle (THE LOST WORLD, 1912) bekend gemaakt werd. Dit genre gaf veel mensen de mogelijkheid te vluchten naar een andere wereld om de dagelijkse eentonigheid tijdelijk te ontlopen. Het genre bevat, zoals de term al doet vermoeden, exotische oorden, verloren beschavingen en in veel gevallen prehistorisch leven. Zo ook in KING KONG. Het verhaal van KING KONG is vrij eenvoudig, hetgeen in het geheel niet storend is wanneer we spreken over een monsterfilm. Ingewikkelde, psychologische verhaalelementen behoren gewoonweg niet tot de primaire doeleinden van een monsterfilm. Een filmploeg onder leiding van Carl Denham (Robert Armstrong) vertrekt naar een afgelegen eiland voor de voorbereidingen van een film. Eenmaal aanwezig ontvoeren inboorlingen Ann Darrow (Fay Wray) om haar te offeren aan hun god, de reuzenaap Kong. Wanneer Kong verschijnt neemt hij Ann mee de jungle in, op de voet nagezeten door Denham en Jack Driscoll (Bruce Cabot), die Ann uiteindelijk uit handen van Kong bevrijdt. Denham gebruikt vervolgens slaapgas om Kong te verdoven en mee te nemen naar New York om hem om commerciële redenen tentoon te stellen aan de gehele wereld. Kong breekt uiteindelijk los en ontvoert Ann om samen met haar het Empire State Building te beklimmen, waar uiteindelijk een confrontatie tussen mens en natuur zal plaatsvinden. In dit buitengewoon ontroerende verhaal is de hoofdrol duidelijk weggelegd voor Kong, die tegen de normale verwachting in niet als een gruwelijk monster wordt neergezet, maar als een wezen van de natuur dat, net als wij, zijn eigen leven zo goed mogelijk probeert te leiden. Dit wordt duidelijk wanneer blijkt dat Kong in het geheel geen verkeerde bedoelingen heeft, wanneer hij Ann Darrow ontvoert. Hij geeft zelfs om haar en gebruikt alleen geweld, wanneer hij daartoe wordt gebracht. In de film is Kong hierdoor helaas het enige personage dat goed wordt uitgewerkt. Van verdere karakterontwikkeling is totaal geen sprake. De relatie tussen de ontvoerde Ann Darrow en haar redder Jack Driscoll is een gebruikelijke oppervlakkige slachtoffer-held relatie en ook het personage van Carl Denham krijgt in de film niet genoeg diepte. Er valt natuurlijk wat voor te zeggen dat een uitgebreide karakterontwikkeling niet van belang is in een monsterfilm. Een monsterfilm is nu eenmaal geen psychologische thriller. Vanuit deze visie werkt de oppervlakkigheid van de personages dan ook niet storend meer.

Het einde

Een tweede element is het einde van de film (het moment waarop Kong het gevecht aangaat met een aantal vliegtuigen), welke vandaag de dag nog steeds geldt als één van de meest bekende scènes uit de gehele filmgeschiedenis. Het einde is zeer emotioneel beladen, vooral vanwege het feit dat Kong vernietigd wordt terwijl hij aanvankelijk totaal geen kwade bedoelingen heeft. Kong wordt door de mens zelf tot het gebruik van geweld tegen de mens gedreven en zal uiteraard niet terughoudend reageren wanneer hij zichzelf bedreigd voelt. Duidelijk is dat het einde van KING KONG een directe verwijzing is naar de wijze waarop de mens vooral ten koste van de natuur streeft naar totale (technologische) heerschappij. Op zijn eiland was Kong zonder twijfel de absolute heerser, hij was de god die door iedereen aanbeden werd, terwijl hij in New York een destructieve lastpost is die koste wat kost vernietigd dient te worden. Kong staat verdere moderne ontwikkelingen in de stad in de weg; in de wereld van de moderne mens is er duidelijk geen plaats voor een mythisch, primitief beest als Kong. De film bevat dus een onderliggende boodschap en vormt in dit opzicht dus een vorm van afzetting tegen de ontwikkeling van moderne technologieën (en misschien wel tegen de moderniteit in het algemeen).

Special effects

Een derde element voor de succesformule van KING KONG zijn de verbluffende special effects. Het is logisch dat KING KONG niet de realistisch ogende special effects bevat die kenmerkend zijn voor films als JURASSIC PARK (Steven Spielberg, 1992) en GODZILLA (Roland Emmerich, 1998). In de laatstgenoemde films zijn de monsters grotendeels met behulp van computertechnologieën tot stand gekomen, zodat het lijkt alsof we naar echte dinosauriërs zitten te kijken, terwijl de op schaal gebouwde aap in KING KONG met de hand werd voortbewogen. Desalniettemin blijft de productie van KING KONG een uitzonderlijke technische prestatie, zeker voor de maatstaven van die tijd (we spreken over begin jaren ’30, een periode waarin men uiteraard nog niet kon beschikken over de moderne special effects). Special-effectspecialist Willis O’Brien, die ook al verantwoordelijk was voor de verbluffende effecten in films als THE DINOSAUR AND THE MISSING LINK (1915), THE GHOST OF SLUMBER MOUNTAIN (1919) en THE LOST WORLD (1925), heeft de voortbeweging van Kong met uitzonderlijk gedetailleerde precisie op het witte scherm weten te krijgen. Dit valt direct op bij nagenoeg iedere beweging van zowel Kong als een ieder van zijn prehistorische vijanden. Wanneer Kong voor het eerst in beeld verschijnt, lijkt hij wat houterig te bewegen, maar naarmate het verhaal vordert werkt dat in het geheel niet storend meer. Door te kijken naar KING KONG wordt duidelijk hoe men vroeger weliswaar kundig, maar met veel moeite maakte wat men tegenwoordig vrij eenvoudig met behulp van de computer kan creëren.

Conclusie

De hierboven genoemde elementen maken van KING KONG (één van de allereerste blockbusters) een onvergetelijk avontuur, dat geheel terecht in het exclusieve rijtje der klassiekers kan worden geplaatst. Ondanks het feit dat KING KONG verjaard is (met name qua acteerprestaties en special effects) zullen we de film nog steeds zien als zijnde een mijlpaal in de ontwikkeling van de cinema in het algemeen. De film bezorgt ons als kijkers een bepaald gevoel dat recente films met de meest prachtige special effects in veel gevallen nooit zullen bereiken. Het voorbeeld van JURASSIC PARK kan hierop uitstekend toegepast worden; de film zit vol met de meest indrukwekkende special effects, maar brengt qua inhoud weinig nieuws. Film is iets dat inwerkt op het gevoel en in dit opzicht kunnen de meest achterhaalde films voor veel mensen nog steeds enorm belangrijk zijn. Ondanks het feit dat Kong werd gezien als een destructieve lastpost en uiteindelijk vernietigd werd, is hij in onze moderne wereld op het gebied van de film nog steeds King.

Gerelateerde link

King Kong, IMDB.
© 2007 - 2009 Johndavis, gepubliceerd in Filmrecensies (Muziek en Film) op 16-11-2007, laatst gewijzigd op 19-11-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Johndavis is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Brosnan, John. Movie magic: the story of special effects in the cinema. London: Macdonald and Jane’s, 1974.
  • Davies, Jude. Carol R. Smith. Gender, ethnicity and sexuality in contemporary American film. Edinburgh : Keele University Press, 1997.
  • Donald, James. ‘The city, the cinema: modern spaces.’ Visual Culture. London: Routledge, 1995.
  • Elsaesser, Thomas. ‘De blockbuster als motor van de hedendaagse mediacultuur.’ Hollywood op straat. Amsterdam, 2000: pp. 27-44.
  • Erb, Cynthia Marie. Tracking King Kong : a Hollywood icon in world culture. Detroit: Wayne State University Press, 1998.
  • Goldner, Orville. George E. Turner. The making of King Kong: the story behind a film classic. London: Tantivy Press, 1976.

Reageer op het artikel "King Kong (Merian C. Cooper en Ernest B. Schoedsack, 1933)"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.