Instrumenten en Trommels

Drumtips voor beginners: trommels, bekkens en hardware

Drumtips voor beginners: trommels, bekkens en hardware

Een drumstel is een stel drums. Maar ook een set bekkens hoort erbij, net als een paar standaards en minstens twee pedalen. In dit artikel lees je hoe alles heet en wat je ermee doet. De meeste drummers gebruiken een vijfdelig drumstel.Die ‘vijf’ slaat dan alleen op het aantal trommels (drums). Een vijfdelig drumstel heeft namelijk veel meer dan vijf onderdelen.


Vijf trommels
Een vijfdelig drumstel bestaat om te beginnen dus uit vijf trommels: een snaredrum, een bassdrum, twee tomtoms en een floortom. De hoge, helder klinkende snaredrum en de grote, diep klinkende bassdrum zijn de twee belangrijkste trommels. De tomtoms en de floortom gebruik je veel minder vaak.

Bekkens
Behalve die trommels heb je ook bekkens nodig. Het grote ridebekken is vooral om het ritme op te spelen. Voor de accenten gebruik je een dunner, kleiner crashbekken. De boven elkaar hangende hi-hatbekkens laat je met een pedaal tegen elkaar slaan, maar je speelt er ook met stokken op.

Standaards en pedalen
De hi-hatbekkens bedien je met een hi-hatpedaal, en de bassdrum met een bassdrumpedaal. Ridebekkens en crashbekkens zet je op een bekkenstandaard en voor de snaredrum is er een speciale snaredrumstandaard. De tom-toms of toms, in 't kort, zijn meestal met een tomhouder op de bassdrum gemonteerd.

Zo groot als je wilt
Je kan een drumstel zo groot maken als je wilt. Veel drummers gebruiken bijvoorbeeld een derde tomtom of een extra floortom. Of ze zetten er een tweede, extra hoog klinkende snaredrum bij. Of een tweede bassdrum. De meeste drummers hebben twee crashbekkens: eentje links, en eentje rechts, boven de floortom, maar je kan er nog veel meer bij je set hangen.

En verder
Verder kan je je drumstel nog uitbreiden met een of meer koebellen , een tamboerijn en allerlei andere instrumenten.

Trommels

Het belangrijkste onderdeel van elke trommel is de ketel. Die houten of metalen cilinder is de klankkast van de trommel. De meeste trommels hebben twee vellen. Eentje waar je op slaat, en eentje die de klank voller maakt.

Vellen
Het vel waar je op slaat, is het slagvel of het bovenvel. Aan de onderkant zit het ondervel, dat ook wel resonansvel genoemd wordt.

Spanbouten en spanbokken
Je spant een vel door de spanbouten aan te draaien. Met die bouten, die door de spanrand lopen, trek je het vel steeds verder over de ketel heen: het vel komt strakker te staan, en de toon gaat omhoog. De metalen `huisjes' waar je de spanbouten in draait, zijn de spanbokjes.

Rozetten
Rozetten of brackets zijn de metalen klemmen waarmee je bijvoorbeeld de toms aan de tomhouder vastzet, of de tomhouder in de bassdrum klemt.

De twee belangrijkste
Aan alleen een bassdrum, een snaredrum en wat bekkens heb je al genoeg om bijna elk nummer te begeleiden. De bassdrum zorgt voor de diepe klappen, vaak op de eerste en de derde tel van de maat. Het is de hartslag van de band. De hoge, fel klinkende snaredrum speel je dan op de tweede en de vierde tel. Boem, tek, boem, tek...

De bassdrum
De bassdrum is de grootste trommel uit de set. Hij ligt op z'n kant, met het slagvel naar je toe. Het andere vel, dat richting publiek wijst, is het voorvel. Twee korte, uitschuifbare sporen helpen voorkomen dat de bassdrum wegrolt of wegschuift.

De snaredrum
Een snaredrum heet zo omdat er een matje snaren onder zit. Als je een klap op je snaredrum geeft, zorgt die snarenmat voor een fel, kort, 'crispy' geluid. Crispy. Alsof je op een zak chips gaat staan, maar dan harder. Met het snarenmechaniek kan je snaren af zetten, zodat ze los onder het vel komen te hangen. Dan klinkt een snaredrum meer als een tomtom.

De toms
Tomtoms heten zo omdat ze zo klinken. Tomtom, of ook wel tom, in het kort. Je gebruikt ze vooral voor de afwisseling, als muzikale versiering, bij solo's of bij roffels tussendoor. De meeste drumstellen hebben drie toms. De twee kleinere op de bassdrum heten kleine toms of hangende toms: ze `hangen' aan de tomhouder. De derde staat achter de bassdrum, naast de snaredrum, op de vloer: de floortom of staande tom.

Fusion
Zogenaamde fusionsets hebben kleinere toms op de bassdrum, en ook de floortom wordt vaak vervangen door een kleinere trommel die aan een losse standaard wordt opgehangen: dan heb je het over een hangende floor.

Maten in inches
Het drumstel is een Amerikaanse uitvinding. Daarom worden voor de maten van trommels en bekkens altijd Amerikaanse inches gebruikt. Een inch (aangegeven met het tekentje ") is iets meer dan 2,5 centimeter.

Bassdrummaten
De meeste drummers gebruiken een bassdrum met een diameter van 22" (55 cm) en een diepte van 16" (40 cm). Een bassdrum met die maten noem je een tweeëntwintig bij zestien, en dat schrijf je als 22x16.

Diameter is velmaat
De diameter is altijd hetzelfde als de maat van het vel. Op een 22" bassdrum zit dus een 22" vel.

Snaredrummaten
Snaredrums meten vaak 14x5 of 14x6,5, of iets daartussenin. Hoe dieper de trommel, hoe dieper het geluid.

Tomtommaten
De meeste vijfdelige drumstellen hebben een 12" en een 13" tomtom op de bassdrum staan. De diepte van die toms kan verschillen. De meeste 12" toms zijn 10" diep, en grotere toms zijn steeds iets dieper.

Floortommaten
Bij diezelfde vijfdelige drumstellen zit bijna altijd een 16x16 floortom: bij floortoms is de velmaat vaak even groot als de diepte. Fusionsets hebben meestal een hangende 14" tom op de plaats van de floortom. Op de bassdrum staan dan bijna altijd een 10" en een 12" tom.

Eerst de maten
Als je het over trommelmaten hebt, noem je eerst de diameter en dan de diepte. In Amerika doen ze het andersom. Wij zeggen 12x10, zij zeggen 10x12, en iedereen bedoelt dezelfde trommel. Tip: je kan je bijna niet vergissen, want het grootste getal is altijd de diameter, ofwel de velmaat.

Bekkens

Net als trommels zijn bekkens er in soorten en maten, elk met hun eigen geluid.

Hi-hats
In veel muziekstijlen zijn hi-hatbekkens je belangrijkste bekkens. Dan hou je ze meestal dicht, met je voet op het pedaal, en je slaat bijvoorbeeld op elke hele tel op het bovenbekken. Jazz drummers spelen de hi-hats vooral met hun voet: ze sluiten ze dan meestal op de tweede en de vierde tel van elke maat. De meeste drummers gebruiken 14" hi-hatbekkens (net zo groot als de snare), maar ze zijn er bijvoorbeeld ook in 13".

Ridebekken
In plaats van op de hi-hat wordt het ritme ook vaak op het ridebekken gespeeld. Daarom wordt dat ook wel het ritmebekken genoemd. Zo'n groot, lang doorklinkend bekken ('piing') geeft een heel ander effect dan een dichte, kort klinkende hi-hat. Voor een feller, strakker geluid kan je het ridebekken ook op de cup bespelen: dat is de extra bolling in het midden van het bekken. Ridebekkens zijn meestal 20" of 22" groot, ofwel (bijna) net zo groot als het vel van je bassdrum.

Crashbekkens
Je crashbekkens gebruik je, net als je toms, vooral om het ritme te versieren en om bepaalde accenten te geven. Crashbekkens klinken zoals ze heten: `kresj, dus. Ze zijn dunner en kleiner dan ridebekkens, en ze reageren heel snel. Drummers gebruiken vaak twee crashbekkens, en dat zijn dan meestal een 16" en een 18". Ze zijn er ook nog kleiner en groter.

Effectbekkens
Behalve rides, crashes en hi-hats heb je nog een enorme verzameling effectbekkens, van superdunne, kleine splashes tot rauwe, gemeen klinkende China's en van vlakke, ingehouden flat rides tot bolle, eindeloos doorzingende bells.

Standaards en pedalen

De standaards, pedalen en andere grote metalen onderdelen heten samen de hardware. Veel standaards hebben poten die uit twee metalen strips bestaan: dan heb je het over dubbelbenige (double braced) hardware.

Bekkenstandaards
De meeste bekkenstandaards bestaan uit drie in elkaar schuivende buizen. Bij drumsets zit vaak ook nog een bekkenstandaard met een vierde, scharnierende arm. Zo’n boomstand of hengelstandaard geeft je meer vrijheid bij het opstellen van je spullen.

Snaredrumstandaard
De drie armen van een snaredrumstandaard vormen samen het mandje waar je je snaredrum in zet.
Met de tilter (schuinsteller) kan je de snaredrum bijvoorbeeld iets naar je toe kantelen. Dat doe je ook met je bekkens en je toms, zodat je er makkelijker bij kan.

Pedalen
Het bassdrumpedaal en het hi-hatpedaal werken met een veer. De veer van het bassdrumpedaal zorgt ervoor dat de klopper na de klap op het vel weer terugkomt. Bij het hi-hatpedaal zit de veer vanbinnen. Hij laat het bovenbekken weer naar boven komen als je je voet optilt.

Hoe zwaar of hoe licht
Bij de meeste pedalen is de spanning van de veer verstelbaar: dan kan je dus zelf instellen hoe zwaar of hoe licht het pedaal speelt. Veel pedalen hebben ook nog allerlei andere instelmogelijkheden — vooral bassdrumpedalen.

Rechts of links
Als je rechts bent, bedien je het bassdrumpedaal met je rechtervoet en de hi-hat met je linker.
Linkshandige drummers kunnen bijvoorbeeld hun hele drumstel andersom neerzetten, in spiegelbeeld. Dan speel je je bassdrum dus met links en de hi-hat met rechts.

Klemmen en houders
Ook drumkrukken, multiklemmen en rekken (drumracks) horen bij de hardware.
© 2009 - 2010 Guy1962, gepubliceerd in Instrumenten (Muziek en Film) op 26-02-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Guy1962 is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Drumtips voor beginners: trommels, bekkens en hardware"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.