De geschiedenis van platenlabel Casablanca (1974-1986)

De geschiedenis van platenlabel Casablanca (1974-1986) In 1974 startte Neil Bogart - geen familie van Humphrey - zijn eigen platenlabel in Los Angeles, Casablanca Records. Met als strategie: geld verdienen door eerst veel geld uit te geven. Dat konden ze bij Casablanca goed: het lanceringsfeestje kostte al 45 duizend dollar. Gelukkig hadden ze ook twee paradepaardjes in hun artiestenstal: discoqueen Donna Summer en hardrockband Kiss. De carnavalsdisco van The Village People wa eveneens een (kortstondig) succes.

Samenwerking met Warner Brothers

Neil Bogart was al vanaf de jaren zestig succesvol bij andere labels, met name door een goed gevoel voor wat hip was bij het platenkopend publiek. Warner Brothers zag het daardoor wel zitten om het startkapitaal voor Casablanca te verstrekken, en de promotionele activiteiten te organiseren. Met dat laatste was Bogart uiteindelijk zeer ontevreden; dat kon hijzelf veel beter. Bogart koppelde zich in de zomer van 1974 los van Warner Brothers, met de belofte ze schadeloos te stellen.

Flop na flop

Tot dat moment verdiende Casablanca nog geen rode cent. Singles en elpees flopten (onder andere van Bill Amesbury, Peter Noone, Kiss, Parliament en T-Rex), als uitzondering haalde So You Are A Star van The Hudson Brothers in de herfst van 1974 wel nummer 21 op Billboard. Succesvol leek het speciale Johnny Carson album: Here’s Johnny; Magic Moments from the Tonight Show. Maar veel van de meer dan een miljoen gedistribueerde elpees kwamen uiteindelijk weer terug omdat ze niet verkochten.

Mercedes

Bogart liet zich echter niet uit het veld slaan. Het kantoor kwam in een nog prestieuzer pand terecht, geheel ingericht in de sfeer van de Oscarwinnende film Casablanca uit 1942. Iedereen op kantoor kreeg een geleasde Mercedes. Platensucces bleef echter opnieuw uit: ook oldies James en Bobby Purify en Gloria Scott scoorden in 1975 geen grote hits. Funkband Parliament was nog steeds geen bekende naam buiten het R&B-circuit.

Het eerste succes: Kiss

Casablanca gaf het meeste geld uit aan hardrockband Kiss, die door Bogart als allereerste werd gecontracteerd voor zijn label. Met een wervelende en theatrale show (Alice Cooper en Slade waren voorbeelden) had de band met de beschilderde gezichten al snel een live-reputatie opgebouwd. Maar de verkoop van hun elpees en singles stelde teleur. De geldverslindende campagnes brachten Casablanca Records in nog geen drie jaar aan de financiële afgrond. Pas in september 1975 kwam Kiss met de live dubbelelpee Alive!, die werkelijk uit de boxen knalde. Het album haalde nummer negen op de albumlijst, de Verenigde Staten waren om en Casablanca Records had weer lucht.

Donna Summer

In hetzelfde jaar had Bogart in Europa kennis gemaakt met de Italiaanse producer Giorgio Moroder. Zijn Eurosdisco deed het goed en Bogart zag kansen in de VS. Casablanca bracht als eerste het zwoele Love To Love You, Baby van Donna Summer uit. Een in eigen land onbekende zangeres die naar Europa was getrokken met de musical Hair en in Nederland en Duitsland hits had gescoord. Het liedje deed weinig, totdat op een van de vele Casablanca-feestjes iedereen dit nummer maar bleef opzetten en bleef dansen. Bogart bedacht dat een extreem lange versie een goed idee zou zijn en zette Moroder aan het werk. Die maakte een bijna zeventien minuut durende versie, feitelijk de allereerste 12-inch single ooit. Casablanca zette zichzelf hiermee op de kaart, en maakte discomuziek tot zijn core-business.

Door de strot duwen

Casablanca hanteerde vanaf die tijd het motto ‘Whatever it takes’. Maandelijks werd een aantal singles iedereen in de business door de strot geduwd. Het werkte, de meeste nummers werden wel ergens een hit. Donna Summer en Kiss scoorden goed in 1976 en 1977, terwijl ook George Clinton’s Parliament eindelijk begon mee te delen in het succes, met onder andere Tear The Roof Off The Sucker.

The Village People

Het theatrale van Kiss en Parliament werkte zo goed, dat Bogart op zoek ging naar een nieuwe variant. Die vond hij in 1978 in de multiculturele The Village People, een uit zes macho-types (politieman, biker, indiaan, cowboy, bouwvakker en soldaat) bestaande groep. Een soort kinderdisco, met Macho Man, YMCA en In The Navy . Ook Donna Summer bleef het goed doen in 1978, onder andere door de filmsoundtrack Thank God, It’s Friday.

PolyGram

Het succes van Casablanca werd zo alsmaar groter en groter. In 1979 en 1980 verkocht Bogart telkens voor meer dan een miljard dollar aan platen. Casablanca stond als discolabel helemaal bovenaan, ook door artiesten als Captain and Tenille, Cher, Stephanie Mills en K.C. and the Sunshine Band. Casablanca was in deze hoogtijdagen deels in Nederlands/Duitse handen, van Philips en Siemens samen - zo werden de singles van The Village People in Nederland door Philips uitgebracht. Hun PolyGram kocht in 1977 de helft van de maatschappij. Beide concerns wilden dolgraag een voet tussen de deur van de Amerikaanse markt.

Gigantische blunders

Dat mislukte totaal. Het beschikbare geld ging op aan vele feestjes en aan de extravagante leefstijl van vrijwel alle medewerkers van Casablanca Records. En dat waren er, door de tien miljoen dollar waarmee PolyGram de helft van de aandelen had gekocht, gek genoeg opeens bijna tien keer zoveel. Gigantische blunders kostten het label gigantisch veel geld. Casablanca wilde bijvoorbeeld Cher een gouden plaat uitreiken vanwege een miljoen verkochte exemplaren van de single Take Me Home. Toen de officiële cijfers op dat moment op 700 duizend bleven steken, liet het label er op eigen kosten 300 duizend extra bijpersen en distribueren. Aan de overkant van de oceaan hield PolyGram dat allemaal niet zo goed in de gaten. Zelf deden ze ook domme dingen, zoals het bouwen van enorme magazijnen voor de opslag en distributie, die later in slechte tijden zeven miljoen dollar per maand verlies opleverden.

Einde discotijdperk

De gouden jaren van de disco waren ondertussen voorbij, en The Village People waren toch te kinderachtig voor een lange carrière. Incidenteel was er nog wel wat te vieren (Funkytown van Lipps Inc. bijvoorbeeld, een wereldwijde nummer 1-hit), maar het wedden op één paard (disco) bleek de doodsteek. Ook PolyGram kreeg langzaam in de gaten dat het goed mis was. Als oplossing kochten ze het hele bedrijf Casablanca Records en gaven Neil Bogart vijftien miljoen dollar mee. Twee jaar later overleed Bogart, pas 39 jaar oud.

Besparingen

Met nauwelijks verstand van de Amerikaanse platenindustrie had PolyGram nu een bedrijf overgenomen dat steeds meer verlies maakte. De nieuwe bazen gingen als eerste de uitgaven serieus inperken en de uitstraling versoberen. Alle gouden platen werden van de muren gehaald op kantoor, de Mercedessen ingeleverd en de promotiebudgetten drastisch ingekort. Enorme investeringen hadden in de begintijd Kiss en Donna Summer (die in 1980 naar Geffen vertrok) groot gemaakt. Nu werden nieuwe sterren, én het risico dat het weleens niet kon slagen, vooral gemeden.

Laatste stuiptrekking

PolyGram/Casablanca probeerde zich te herstellen met oudgedienden, die niet heftig gepromoot hoefden te worden. Maar The Four Tops, Tony Joe White, Dr. Hook en Dusty Springfield waren vooral op hun retour, en presteerden navenant. Een laatste stuiptrekking leverde in 1983 nog hits op voor Irene Cara en Michael Sembello met What a feeling en Maniac. Maar in hetzelfde jaar vertrok Kiss naar Mercury en was Parliament op sterven na dood. Het officiële einde kwam in 1986, toen PolyGram stopte met het nummeringssysteem van elpees en singles van Casablanca en alles op eigen labels ging uitbrengen.
© 2013 - 2020 Kempes, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Biografie: Donna SummerDonna Summer is een bekende zangeres. Maar wie is Donna Summer eigenlijk? Je kunt het allemaal lezen in dit artikel.
Hits jaren 70: 1979Hits jaren 70: 1979Welke nummers waren in 1979 een grote hit? In dit artikel kun je een duidelijke lijst vinden van bekende nummers uit 197…
KISS (Album van de gelijknamige band)recensieKISS (Album van de gelijknamige band)KISS was het eerste album van de gelijknamige band KISS. Het bevat 10 nummers waarvan de meeste echte klassiekers zijn g…
Casablanca Variété op de Zeedijk in AmsterdamCasablanca Variété op de Zeedijk in AmsterdamMidden op de Zeedijk staat een café annex theater en restaurant dat Casablanca Variété heet. Het is een circuscafé en he…

Componist: Antonio VivaldiWie de naam Vivaldi hoort denkt vrijwel meteen aan 'De Vier Jaargetijden', zijn beroemdste werk. Maar Vivaldi schreef ve…
Componist: Wolfgang Amadeus MozartMozart is een van de grootste componisten die de wereld ooit gekend heeft. Als kind trad hij al op en was een 'wonderkin…
Bronnen en referenties
  • www.bsnpubs.com
  • www.harryknipschild.nl

Reageer op het artikel "De geschiedenis van platenlabel Casablanca (1974-1986)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Kempes
Laatste update: 17-03-2013
Rubriek: Muziek en Film
Subrubriek: Diversen
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!